Koninklijke Heemkundige Kring Sint Hubertus Tervuren


De Koninklijke Heemkundige Kring Sint-Hubertus Tervuren is een vereniging zonder winstoogmerk, die werd gesticht in 1946 door een handvol Tervurenaars met belangstelling voor de plaatselijke geschiedenis.

De doelstellingen van de Kring zijn :

  • de studie van de Tervuurse geschiedenis en folklore
  • het verzamelen van heemkundige, natuurkundige en artistieke voorwerpen
  • de inrichting van een plaatselijk museum.

Zoals het een heemkundige kring betaamt, draagt de vereniging zorg voor het plaatselijke erfgoed, onder welke vorm dat ook bewaard is : bouwkundig, landschappelijk, archeologisch, archivalisch, picturaal...

 

Zomerse bedenkingen

“Een maagd, een wijngaard, een perenhof en een boonenveld zijn kwaad te bewaren.”

Dag Nelle”, zei de man, en hij stak zijn vrouw onder 't ijs; “kom er vanonder, als 't zomer is”.
Op een van de zonnewendingspunten komt de zon in het teken van de kreeft. Dan is het zomer. Als Poussin zijn Ruth in het korenveld schildert, knielend voor Boaz, weten we dat hij de zomer verzinnebeeldt. De Grieken zien de zomer dan weer in Apollo, de god der voorspelling. Volgens horoscoopsites staat bij ‘kreeft’ het ‘ik voel’ centraal. Inderdaad, dan voelen we de warmte, de warme wind die ons gelaat streelt. Voelden we ons al dartel bij het begin van de lente, dan doet de warmte van de zomer er nog een schepje bovenop. Dan vieren we het rozenfeest waarin de rozenmaagd centraal staat. Het deugdzaamste meisje uit het dorp, het ‘rosenmadchen’ wordt dan met de rozenkrans versierd.
Het was niet bij wet ingesteld dat deze meisjes altijd zo deugdzaam hoefden te zijn. Volgens de legende had de heilige Medardus er een vinger in om er een oud gebruik van te maken aan het eind van de vijfde eeuw. Een jong meisje van onberispelijk gedrag – een ‘rosière’ – kreeg de rozenkroon. Napoleon, ziende dat zijn veteranen het moeilijk hadden met integreren in een maatschappij na vele veldslagen, kende op bepaalde feestelijke dagen – hem ter ere – een bruidsschat toe aan zulke deugdzame meisjes die wilden trouwen met een al of niet kreupele veteraan. Zouden hun moeders het op hun hart gedrukt hebben, volgende wijsheid?
“Zomerse nachten,
vrouwen gedachten,
woorden van groote heeren,
kunnen gauwe keeren”
Maar om bij de deugdzame zomermeisjes te blijven: in het kruidwoordenboek van J. Samyn (1888) werd voor vroegrijpe, blozende peren – de ‘Beurre Aurore’ – de naam ‘Brugse meiskens’ bedacht maar de Beurre Aurore rijpt pas tegen oktober, terwijl de Brugse meiskens vroege zomerpeertjes zijn “met eene blijde roode kaak”, zoals de keizerinnekes.
Alleszins, “Als ghy geen R vindt in de maent, soo weet dat ghy dan wort vermaent, dat u geen vrouwe maer een glas voor uw gesontheyt komt te pas!” Tot in de zeventiende eeuw heerste het vooroordeel dat zomermaanden, en vooral de hondsdagen, ongeschikt waren voor de bijslaap. De geneesheren waren het daar roerend mee eens.
En voor het zomeren wil, moeten Mamertus, Pancratius en Servatius hun hielen hebben gelicht. Eerder wordt het zaaigoed niet gestrooid. Wie een dagje schuiven wil, laat Mamertus vallen en neemt er Bonifatius bij. Dat staat het rijmen gunstiger.

Fons Vandendael

De Beer, T.H. en Laurillard, E., Woordenschat: verklaring van woorden en uitdrukkingen, 1893-1899. / De Cock, A., Spreekwoorden, zegswijzen en uitdrukkingen op volksgeloof berustend, 1920-’21. / A. De Cock, Spreekwoorden en zegswijzen over de vrouwen, de liefde, het huwelijk. 1911. / G. Barbiaux, Biekorf, jaargang 61, 1960 Brugge, © 2014 dbnl

E-mail aan de Heemkundige Kring

Berichten en vragen aan de heemkundige kring kunnen van nu af aan ook gestuurd worden aan volgend adres: heemkundetervuren@gmail.com

Ze zullen beantwoord worden door de persoon die verantwoordelijk is voor de materie die er het onderwerp van uitmaakt.