Leestafel : Onze nieuwe aanwinsten.


Boeken

Nieuwe boeken in onze bibliotheek

Stefan van Lani e.a.

Monumenten van zielzorg, norbertijnen en hun pastorieën in Brabant van 1600 tot 1850.
Davidsfonds Leuven 2010, 240 p., geïllustreerd.

Naar aanleiding van onze tentoonstelling ‘De Pastorie geschilderd en geprent’, waarover we het elders al hadden, kwamen we in het bezit van deze uitgave. Het feit dat er in Tervuren haast gedurende 650 jaar norbertijnen fungeerden als pastoor van de Sint-Jansparochie, zou al een reden geweest zijn om dit boek naar onze bibliotheek te halen, maar er is meer. Voor de casus Tervuren zelf worden er 10 bladzijden met illustraties gewijd aan de pastorie in de Pastoor Vandersandestraat, voorheen Pastoorstraat en nog vroeger Papestraatje.

Er wordt een beeld opgehangen van de historiek van het pand vanaf 1350 tot de dag van vandaag, hoewel hier al vanaf 1227 norbertijnen als pastoor resideerden. De norbertijnen gaven er evenwel in 1840 de brui aan, toen ze vervangen werden door seculiere geestelijken, met pastoor Vandersande als eerste pastoor die rechtstreeks van de (aarts)bisschop afhing.

Noteer dat de pastorie van Tervuren, met als bouwdatum 1616, momenteel het oudste gebouw is van de reeks Norbertijnenpastorieën. Reden te meer dus om met man en macht te ijveren opdat er aan die kortzichtige patstelling, dat juridisch spelletje waarin het dossier verzeild geraakt is, een einde zou komen. Tervuren stond dus onder het patronaat van de abdij van Heverlee, die ook nog Jezus-Eik en veertien andere parochies in het vroegere Brabant beheerde. Aan elk van hen wordt er een studie gewijd. Vooraf is er duiding over de norbertijnen en hun stichter Norbertus van Gennep, over hun doelstellingen, de verspreiding over West-Europa en het voormalige hertogdom Brabant, over het dagelijkse leven in die pastorieën en over de relatie die Park-Heverlee heeft met bepaalde pastorieën heden ten dage.


Tijdschriften, in ons archief in te kijken:

Blikveld

Koning Boudewijnstichting 2017/3, nr. 110.

We lezen hier dat het nu mogelijk is om de aan de stichting geschonken collectie Pozzo (cfr. Het Horentje 2017-02, tijdschriftenrubriek) alsook de dertiende-eeuwse schat van Oignies digitaal te bekijken, respectievelijk op pozzo.collectiekbs.be en oignies.collectiekbs.be.

Blikveld is digitaal te lezen of te downloaden op www.kbs-frb.be/nl.

 

Eigen schoon en de Brabander

Koninklijk historisch genootschap van Vlaams-Brabant en Brussel, 2017-03.

Deze editie is een themanummer dat zich buigt over verschillende kerkelijke instanties die in het ancien régime instonden voor het financieel beheer van bepaalde maatschappelijke voorzieningen.

 

Faro

Tijdschrift over cultureel erfgoed, oktober 2017.

Het oktobernummer bevat een aantal bijdragen met als thema “Erfgoed en duurzame ontwikkeling”. Aansluitend daarbij de behandeling van de digitale uitdaging die ermee gepaard gaat. Onze werkgroep archiefbeheer heeft met dit laatste ook voortdurend af te rekenen.

 

Gerardimontium

Heemkundige kring Geraardsbergen, 2017-274 en 275.

In nummer 274 een uitgebreide bijdrage naar aanleiding van het overlijden van de internationaal bekende prof. Herman Vanden Berghe, geboren en getogen Geraardsbergenaar.

 

Huldenbergs Heemblad

Huldenberg, Loonbeek, Neerijse, Ottenburg en Sint-Agatha-Rode, 2017-03.

Dirk Vander Hulst heeft zich al een aantal keren ingewerkt in dossiers over neergestorte geallieerde vliegtuigen in onze streek, tijdens en op het einde van de Tweede Wereldoorlog. Nu heeft hij het over de noodlanding van de ‘Spook-bommenwerper’, een B17 of ‘Vliegend Fort’, op 21 november 1944 te Huldenberg. Dat was na de bevrijding van onze gewesten.

 

Kadoc

Katholiek Documentatie- en Onderzoekscentrum Leuven, 2017-03.

Met een paar bijdragen over de acties tegen de armoede in onze steden in vroegere jaren.

 

Melijn

De Vrienden van de School van Tervuren, 2017-03.

In deze uitgave vinden we vooreerst een terugblik op het voorbije Furament en wat info over de Internationale Furamentprijs 2017. Hij werd toegekend aan Jacques Dujardin voor zijn werk ‘De Vlucht’. Annemie Breugelmans heeft het over de schilder Charles François Daubigny (1817-1878) en de benadering van diens werk door de striptekenaar Luc Cromheecke. Nadat hij het eerder al had over de algemene achtergrond van de zogenaamde tapijtenreeks ‘De Jachten van Maximiliaan’, gaat Vic Motte in dit nummer dieper in op de bewuste twaalf tapijten en in het bijzonder dan op dat van de maand januari, dat het kasteel van Tervuren voorstelt. Herman De Vilder ten slotte heeft het verder over de dierenschilderkunst in de loop van de eeuwen.

 

Midden Brabant

Gidsenbond Dijleland, 2017-03.

Naar aanleiding van het overlijden van gravin Marguerite Christyn de Ribeaucourt (+16-04-2016), brengt Henri Vannoppen een aantal kanttekeningen over deze familie. De overledene bewoonde als laatste van deze tak het kasteel van Perk, ze werd er trouwens bijgezet in de familiegrafkelder. In de familie draagt een lid nog steeds de adellijke titel van burggraaf van Tervuren en Duisburg. Daarover werden er door onze kring al meerdere artikels geschreven. Sommigen leden van de familie hadden ook de titel van baron van Meerbeek (Kortenberg).

 

De Semse

Heemkundige kring van Zemst, 2017-08, 09 en 10.

In nummer10 heel wat informatie over het Romeinse verleden van Elewijt.

 

Soignes – Zoniën

Liga van de Vrienden van het Zoniënwoud, 2017-03.

We vernemen hier meer over de afwerking van de ecotunnel aan de Ring te Groenendaal, inclusief de graffitiversiering op de wanden. Ook meer over de klassering van het Zoniënwoud als Unesco-werelderfgoed. In de tijdschriftenrubriek worden artikels uit De   Horen 2017-02 en Het Horentje 2017-02 genoemd.

 

Tijd-Schrift

Heemkunde Vlaanderen, tweede jrg., 2017-02.

Het is een themanummer met een geheimzinnige titel: ‘Geheimzinnig-heid’. Hierin krijgen we vooreerst een aantal verhalen die in het verleden de ronde deden over het niet-officiële leven van de leiders van dit land. ‘Brandbrieven’ waren schriftelijke bedreigingen door onbekenden met de bedoeling om de rijken af te persen. De biecht en het biechtgeheim geven uiteraard gelegenheid om meer te vernemen over de geheimzinnigheid hieromtrent. De eed van geheimhouding bij de loges gaf aan deze instelling uiteraard ook een sfeer van geheimzinnigheid.

 

Vlaamse Stam

Vlaamse Vereniging voor Familiekunde, 2017-03 en 2017-04.

De uitgave bevat een aantal bijdragen in verband met minder fraaie aspecten uit het verleden van onze streken: dievenbenden, overvallen, overspel, bigamie, bokkenrijders, vechtpartijen, de Spaanse Furie. In tegenstelling met wat sommigen vermoeden, lijkt er in het DNA-onderzoek weinig sporen te vinden te zijn van de gevolgen van dit laatste bij ons. Verder ook een artikel met een totaal andere inhoud: “Stamboom van het onroerend goed”.

In het nummer 2017/ 4 van Vlaamse Stam werden we door Peter Eyckerman gewezen op de interessante symboliek die er schuilt in sommige oude foto’s. Op de meeste foto’s van onze voorouders voor de Eerste Wereldoorlog staan de heren fier afgebeeld met een horlogeketting en de dames met een sierlijke broche maar ook nog met andere juwelen. Daar zit soms meer achter dan we vermoeden.

De horlogeketting zou de opvolger zijn van de ‘chatelaine’, een gouden kettinkje dat dames en heren vroeger aan de gordel droegen om er allerlei benodigdheden aan te kunnen hangen. Voor de vrouwen ging het om wat naaigerief of een klein zakdoekje en o.a. ook om wat vlugzout want door de te strakke korsetten vielen er al eens dames flauw. De dasspeld bij de mannen en de broche bij de vrouwen waren uitingen van het feit dat ze het maatschappelijk niet slecht deden. Maar we zien nog andere sieraden die symboliek inhouden. Een hoefijzer, klokjes en koraal beschermen de persoon tegen kwade geesten. De maansikkel wordt geassocieerd met het vrouwelijke en refereert naar de figuur van O.L.V., die soms voorgesteld wordt met een maansikkel onder de voeten. Symbolen voor de liefde vond men in het hart, de chrysant, de krokus, de roos en de mirte. Voor de hoop greep men naar het anker, de hazelnoot, de iris, de roos, de opaal of de smaragd. Wou men wijzen op standvastigheid, dan zag men de diamanten als symbool, denk aan het lied uit de James Bondfilm ‘Diamonds are forever’. Parels staan dan weer voor tranen, het zijn rouwjuwelen, zoals het zwart van de kleren voor rouw staan. Het kruis verwijst naar het christelijke geloof en de oorbellen zouden de dames of meisjes moeten beschermen tegen slechte gesprekken en ‘onkuise praat’. Op trouwfoto’s hoort uiteraard het bruidsboeket. Een witte roos voor de meisjes wijst dan weer op hun maagdelijkheid. Of ieder van onze voorouders zelf op de hoogte was van die symboliek is een open vraag.